Chinees Bier

Kwatongen beweren wel eens dat Mao Zedong op de lange mars door China zelf amper een voet voor de andere heeft gezet. Op de vlucht voor de regeringstroepen werd de grote roerganger in een draagstoel meegesleurd over berg en dal door zijn communistische makkers. “Het volk alleen zorgt voor vooruitgang” is een bekend citaat van hem. Om maar te zeggen dat de principes van het communisme al waren doorgedrongen tot bij de gewone mensen, maar dat op de uitvoering nog wat rek zat. Nu wil Bierman zich zeker niet bezondigen aan achterklap. Hij wilde enkel zeggen dat China een raar land is en de zotte kuren van Mao zijn daar een prachtig voorbeeld van. Spijtig dat ze zoveel slachtoffers maakten.

 Naast Europese havens opkopen en Tiktok door de strot van onze jeugd rammen, zijn ze in China tegenwoordig ook bezig met het brouwen van Bier. Aangezien Duitse brouwers in de 19e eeuw zelf naar China zijn getrokken om daar Lager te gaan maken, valt dit evenwel niet onder de hedendaagse schandpaal van de cultural appropriation, maar dus wel nog onder klassieke kolonisatie. Het grootste Chinese bier van dit moment is Snow Beer (eigenlijk letterlijk Sneeuwvlokkenbier). Deze Lager is meteen ook het meest verkocht bier ter wereld met 61 miljoen hectoliter, maar het bier is buiten China zelfs niet te verkrijgen. Lessen in nederigheid geven ze daar in China dus ook.

 Van Confucius is naar het schijnt de uitspraak bekend dat Chinees eten over heel de wereld hetzelfde smaakt. Wie echter ooit de buitengewone loempia’s in restaurant Chau-Long in Niel heeft geproefd weet dat van twee evenwaardige zaken, het ene toch beter kan zijn dan het andere. Op dat gebied verschillen loempia’s, proletariers en Chinese Lagerbieren niet veel van elkaar. Sommige dingen zijn meer gelijk dan andere, zou Bierman er nog wat overbodig aan kunnen toevoegen, maar ook het ene citaat is het andere niet.

Na Snow Beer is overigens Tsingtao is het tweede grootste bier van China. De meeste multinationale brouwers kiezen ervoor om hun productie te lokaliseren, maar Tsingtao is een zeldzaam voorbeeld van een bier dat centraal wordt gebrouwen en nogal omslachtig over heel de wereld wordt verscheept. Het wordt deels gebrouwen met rijst en smaakt proefondervindelijk heel goed bij de loempia’s van Chau-Long in Niel. Het feit Uberkamper even moet glimlachten bij het idee er rijst in Chinees bier zit is waarschijnlijk een weinig racistisch. Maar onwillekeurig is het wel en als ze in China geen moeite doen om cliché’s te doorbreken dan staat Bierman ook redelijk machteloos. Gelukkig is een occasioneel gewetensonderzoek ook iets dat Mao regelmatig aan zijn partijtop oplegde. Op zijn minst in die ene zin is Uberkamper wel nog een goede communist.

En tenslotte leert een blik op de hedendaagse biermarkt in China dat ze daar recent gestopt zijn met het toevoegen van formaldehyde aan hun bier. Dat is een kankerverwekkende stof die wel nog mag gebruikt worden om spaanplaat te maken, opritten te reinigen of gewoon om te mummificeren, maar dus niet meer om bier te ontsmetten. Misschien moet de echte grote sprong voorwaarts van dit vreemde land (naast het bezoek van Eddy Wally in 1995 natuurlijk) daar wel gezocht worden, want aan de culturele revolutie van Mao zal het niet gelegen hebben.

Victoria Strong Blond: durf goed te zijn

Uit het niets gooide AB Inbev in 2020 een nieuw sterk blond bier op de markt dat luistert naar de naam Victoria. Slimmere biercommentatoren dan Bierman analyseerde deze strategische zet en kwamen tot de conclusie dat het om een enorme d*ck move ging van deze multinationale bierfabriek. Het ging volgens hen om de zoveelste tot mislukken gedoemde poging om Duvel de duivel aan te doen. De vorige poging hiertoe was overigens de Jupiler Tauro. Een volstrekt overbodige pils met 8,3 procent alcohol die gebrouwen werd tussen 2008 en 2012 en daarna nooit meer. 


Omdat ook Bierman verkeerdelijk bekend staat als specialist ter zake is hij zo vrij om alsnog en volledig ongevraagd zijn mening te geven over Victoria. Een eenvoudige analyse van de reclamefilm bij de lancering van dit bier maakt hierbij veel duidelijk. In dit inmiddels iconisch geworden filmpje komt namelijk een sterk blond vrouwspersoon binnen in een café waar allerhande boven- en onderliggende duivels in diverse daden van ontucht en onmatigheid verwikkeld zijn. Zij trotseert evenwel de boosaardige blikken van het verdorven cliënteel, alsmede de schampere opmerkingen van de kastelein en bestelt een Victoria, waarna zij zich (afhankelijk van de interpretatie) out als of transformeert tot een engel door letterlijk haar vleugels uit te slaan. 


De theologie leert Bierman evenwel dat engelen geen geslacht hebben en dat deze persoon bijgevolg op dit onderscheidende moment ophoudt om lichamelijke geslachtskenmerken te hebben, wat meteen de gepijnigde blikken van de stomme duivelen verklaart die zich in hun verlangen naar nog meer ontucht alleen al om anatomische redenen gefrustreerd weten. Dat maakt van Victoria veel meer dan een simpele aanval op de Duvels van deze wereld. Voor ABInbev is elk café een microcosmos, die plaatsvervangend model staat voor het leven zelf en waar de dichotomie tussen goed en kwaad een onoplosbare spanning creëert. Gender zet personen vast en dwingt hen om de rol van hoer of maagd op zich te nemen waarbij bier als de brandstof fungeert die deze helse molen tot aan het einde der tijden draaiende houdt. Wie consumeert had voor Victoria op de markt kwam slechts de keuze tussen volledig overgave of geheelonthouding. Met Victoria toont ABInbev ons de derde weg, die van de engel die het geslacht overstijgt en de zondeval overwint. Het is het ultieme non binaire bier dat alles wat vastzit losmaakt, mensen hun vleugels laat uitslaan om ze daarna als motten de nacht in te laten wegwieken.


Laten we dus allemaal AB Inbev dankbaar zijn om dit bier. Omwille van al het bovenstaande en ook omwille van het feit dat dit bier het aandurft om goed te zijn, in tegenstelling tot Jupiler Tauro dat eigenlijk niet te zuipen was. 


Achel en de dood

Net als de rest van de christelijke wereld is Bierman ervan overtuigd dat de geschiedenis een opgaande lijn vormt, waaraan op het einde de voltooiing van alle mensenwerk wacht. Toegegeven: de klok van de Dag des Oordeels staat sinds dit jaar op negentig seconden voor een nucleair armageddon en de vier ruiters van de Apocalyps zadelen hun magere paarden dagelijks om ziekte, oorlog, honger en dood te verspreiden onder de mensenschare. Een mens zou van minder de moed dreigen te verliezen. Edoch, Thomas van Aquino zegt dat wanhoop een zonde tegen de liefde is en wie is Bierman om hem daarin tegen te spreken? De Katholieke Kerk sleurt – met veel vallen en opstaan – al anderhalf millennium een visioen van een nieuw Jeruzalem doorheen de tijd waar lijden en dood niet meer bestaan en misschien werken of studeren er mensen overal ter wereld niet enkel voor zichzelf, maar uit het oprechte verlangen om de wereld beter achter te laten dan hoe ze hem hebben aangetroffen.

Wie evenwel zoals Bierman alert is voor de tekenen des tijds, die zal vorige maand ongetwijfeld een gevoelige vertraging in de vaart der volkeren waargenomen hebben. Het bier van de Achelse kluis – ergens diep in Limburg op de grens met Nederland gelegen – werd verkocht aan een private ontwikkelaar en het bier mocht zichzelf na 25 jaar geen trappist meer noemen. Sic transit gloria mundi.

De geboorte van een bier wordt doorgaans met grote trom aangekondigd. Bierman herinnert zich die van Achel nog levendig en later heeft hij bezieler en abt van Achel Dom Marc Galland enkele keren mogen ontmoeten in de Abdij van Orval, alwaar hij zijn oude dag doorbracht in de wetenschap dat zijn taak op aarde de voltooiing naderde. De dood van een bier daarentegen blijkt doorgaans enkel uit het feit dat het niet meer in de winkelrekken te krijgen is. Het is daarom met een bier zoals met een paradigma: een burcht die niet ingenomen, maar verlaten wordt. Dat in het geval van Achel de burcht uitzonderlijk wel Urbi et Orbi gesloopt wordt met vers ondernemingskapitaal, lijkt koren op de molen van degenen die roepen dat het einde deze keer echt wel nabij is. Gelukkig is Bierman er nog in deze duistere tijden om u eraan te herinneren dat Achel als abdijbier zal blijven vloeien en dat ook de enige drie trappisten die er echt toe doen (Westmalle Dubbel, Rochefort 12 en Orval) onbedreigd blijven bestaan. Zolang die drievuldigheid niet instort, blijft wanhoop een zonde en blijven werken of studeren onverkort zin hebben.

Gordon Xmas: Een milde satire over de Universiteit Antwerpen

Zoals u ongetwijfeld weet, geachte lezer, is Dr. Gordon Freeman is een theoretisch fysicus die na een mislukt experiment gedwongen wordt om het menselijk ras te verdedigen tegen vuige buitenaardse wezens. Zo gaat dat nu eenmaal met gedegen wetenschappelijk onderzoek. Het ene moment schrijven wetenschappers wat formules op een bord, het volgende moment veroorzaken ze een buitenaardse invasie. Bierman zegt niet dat het de UAntwerpen ook kan overkomen, maar iedereen die hij erover aanspreek zegt hetzelfde: “als het ergens zou gebeuren, dan vermoedelijk wel hier.” Wel heeft hij aan onze rector heeft gevraagd om tijdens de Kerstvakantie de deuren van de alle labo’s op slot te doen zodat een gebeurtelijke vijandelijke overname van de Universiteit aanzienlijk vertraagd wordt door een combinatie van gesloten deuren en boze conciërges. Als Kiev de Russen kan tegenhouden, waarom wij dan niet de rest van het universum?

Op de vraag of het niet allemaal al veel te laat is en de hoogste echelons van onze instelling niet al lang geleden zijn overgenomen door aliens, kan Bierman alleen maar aanzetten tot antwoord geven. In de eerste plaats is er is al de koude fusie geweest tussen de drie Antwerpse universiteiten om de UAntwerpen tot stand te brengen. Wie weet of er daarbij niet stoemelings een portaal naar een andere dimensie geopend werd? Een teken aan de wand is ook het feit dat we ons meer en meer omringd weten door filialen van de Katholieke Universiteit Leuven in een poging om ons te isoleren van de rest van de samenleving. Maar meest veelzeggend zijn natuurlijk de examens, die ogenschijnlijk enkel tot doel hebben na te gaan of we rijp zijn om geoogst te worden door onze nieuwe leiders. XCOM laat groeten.

Het zijn allemaal geen bewijzen natuurlijk, maar voor wie goed kijkt tekent er zich toch duidelijk een patroon af. De invasie is misschien al in volle gang met als meest onderscheidende moment de afschaffing van de onbeperkte hoeveelheid fritten en mayonaise in het studentenrestaurant waardoor studenten en werknemers onbarmhartig veroordeeld werden tot een koolhydraten– en vetarm dieet. Later werd het studentenrestaurant overigens ondubbelzinnig omgedoopt tot KOMIDA (Komité voor Interstellaire Dialoog met Aliens). Wie wil weten waar de echte macht in onze instelling ligt moet misschien daar maar eens gaan eten om te proberen een glimp op te vangen van het interdimensionaal portaal dat volgens de geruchten in de koude keukens tussen de broodjes headkrabsalade ligt.

Overigens vervelt Gordon Freeman in Half-Life van bebrilde wetenschapper tot legendarische verzetsheld, die tegen wil en dank een van de belangrijkste leiders wordt in de oorlog tegen de interdimensionale invasie. Natuurlijk is Bierman bereid deze rol op zich te nemen mocht het hem desgevallend gevraagd worden en komen met een marktconform loon en maaltijdcheques. Toch lijken hem de voltallige redactie van Dwars of zowat elke ouderejaars van de Verkenningsdagen meer geschikt voor de rol van wetenschappelijk geschoolde verzetshelden tegen wil en dank.

Het belangrijkste wapen in de strijd van Gordon Freeman is natuurlijk de Zero Point Energy Field Manipulator of kortweg Gravity Gun. Het is een wapen dat de zwaartekracht dusdanig verstoort dat het getal drie eenvoudigweg ophoudt te bestaan. De emotionele leegte die het afvuren dit wapen achterlaat, wordt aansluitend opgevuld met Gordon Xmas. Wat wijwater doet met vampieren doet Gordon Xmans namelijk met interdimensionale aliens: de naam van een legendarische verzetsheld koppelen aan de verjaardag van Jezus en de belofte op genoeg eten en drinken om iedere buitenaardse invasie af te slaan.

Gordon Xmas is overigens een kerstbier dat zo alomtegenwoordig is dat het soms wat smalend de Cara van de kerstbieren wordt genoemd. Dat is onterecht omdat het wel degelijk om een goed gemaakt bier gaat met een stevige basis van mout en suiker, maar ook genoeg oudere smaken als hout en karamel om interessant te zijn. Het bier heeft een aanzienlijke body en ruim voldoende alcohol om studenten in geval van nood snel onontvankelijk te maken voor buitenaardse propaganda. Ongewenste bijwerking is dat dit ook het geval is voor elke vorm van informatieoverdracht middels colleges of studie.

Rest Bierman nog op te merken dat Gordon een oud Keltisch woord is voor heuvel nabij een moeras. Laat dat dus de lakmoesproef zijn: Pas als Campus Drie Eiken zal omgedoopt zijn tot Campus Gordon Xmas zal deze instelling echt gered zijn. Tot die tijd blijft het - voor ons ingewijden - behelpen met het gelijknamige bier.

Bierman wens u ondanks alles toch een Zalig Kerstfeest en veel succes met de examens toe!

Barbe d’Or en andere baarden

In zijn crassa ignorantia - (voor de onwetenden: een onwetendheid die zo massief is dat schuldig wegkijken mag vermoed worden), heeft Bierman altijd in de illusie geleefd dat een baard een gezichtsattribuut is dat uitsluitend bij mannen thuishoort. Natuurlijk waren er begin vorige eeuw tal van reizende circussen waarin bebaarde vrouwen en andere wonderen der menselijke anatomie brutaal te kijk werden gesteld, maar het feit dat iets een plaats krijgt op een rondtrekkende foor mag toch wijzen op het buitengewone karakter ervan, alsmede op de volslagen wereldvreemdheid van het publiek. Het was pas toen zangeres Conchita Wurst in 2014 het Eurovisiesongfestival won dat Bierman genezen werd van zijn eigen wereldvreemdheid en dat een baard voor hem tot gemeenschappelijk bezit voor alle mensen werd. Het was een mooie avond en hij is er haar nog steeds dankbaar voor.

 

Barbe d’Or is een bier dat diep in West-Vlaanderen gebrouwen wordt door brouwerij Verhaege. De naamgevende gouden baard verwijst naar het wapenschild van een van de voorouders van de brouwerij. Daarbij kan Bierman enkel maar goedkeurend knikken, want een baard moet zo ongeveer het best mogelijke symbool zijn voor iedere zichzelf respecterende brouwerij. Iedere bierliefhebber zou minstens een keer in het leven het genoegen moeten smaken om midden in de winter naast een laaiend haardvuur te zitten en een gigantische hap sneeuwwit schuim uit een glas te nemen, gevolgd door een paar grote slokken krachtig bier en afgesloten met het breeduit afvegen van knevel en baard met de rug van de hand zodat de schuimvlokken in het rond vliegen. Bierman kan zich de warme gloed in de ogen en de een glimlach op de lippen al voorstellen die bij dit onsterfelijke ritueel hoort en sinds Conchita Wurst weet hij dat mensen over alle genders heen elkaar kunnen vinden in dit eenvoudige maar rijke gebaar. Een gebaar dat helaas voor sommigen toch steeds een verre droom zal blijven bij gebrek aan noemenswaardige gezichtsbegroeiing. Misschien komt er ooit een tijd dat we ons zullen vergapen aan baardloze mensen en het wrede lot verwensen dat hen doet leven zonder de mogelijkheid bierschuim weg te vegen uit een dichte dos kinharen.

 

Naast Barbe ‘d Or, dat smaakt zoals blond bier moet smaken, maken ze bij Verhaege ook een Barbe Ruby van gemengde gisting en een Barbe Noir; Een lichtvoetige Stout met dezelfde naam als een bekende Engelse piraat. Conchita Wurst ten spijt, is de baard helaas ook al vaak symbool gebleken voor toxische masculiniteit, met als ultieme exponent niet de zwart- of de roodbebaarde zeerovers van hun tijd, maar de misogyne Blauwbaard. Deze werd volgens de legende slechtgezind toen een vrouw in zijn mancave binnendrong en een opmerking maakte over de lijken die daar rondslingerden. Het verhaal zou volgens sommigen ook een metafoor voor iets anders kunnen zijn, maar daar kan Bierman zich weinig bij voorstellen. In ieder geval schamen baarddragers aller genders zich tot op vandaag kapot voor de blauwharige vrouwenhater die alle baarden ter wereld een slechte naam heeft gegeven. Bierman weet uit goede bron dat brouwerij Verhaegde net daarom nog nooit een Barbe Bleue gemaakt, hoewel dat zou ook kunnen zijn omdat er geen blauwe mout bestaat.

Het WK in Quatar en Budweiser Zero

Terwijl u dit leest, zeer gestrenge lezer, vindt in de onooglijke golfstaat Quatar een parodie op het wereldkampioenschap voetbal plaats. Zolang Bierman zich kan herinneren vallen de examens in juni samen met het WK Voetbal. Elke zichzelf respecterende student kent wel het gevoel om voor de onmogelijke keuze te staan tussen enerzijds een kwartfinale tussen voetbalreuzen Kameroen en Chili of anderzijds studeren voor pakweg het vak Epistemologie. Bierman koos natuurlijk steevast voor het laatste, maar vond zichzelf tot zijn grote verbazing altijd weer terug aan de toog van café de Sportvriend terwijl hij helden als de cornervlagzwaaiende Roger Milla (waar hij nog nooit eerder van gehoord had) luidkeels zat aan te moedigen of vol wanhoop de handen in de lucht gooide bij de tragische owngoal van de Colombiaan Andrés Escobar (die daar later in zijn thuisland voor werd vermoord). Uiteindelijk heeft het allemaal zijn studietijd niet nadelig beïnvloed, maar veel geholpen zal het ook niet hebben.

 

Omdat het evenwel te warm is om te voetballen in Quatar in de zomer, werd beslist om het WK op te schuiven naar november. Het is mooi voor diversiteit en inclusie dat een logge structuur als de wereldvoetbalbond bereid was om te schuiven met hun belangrijkste roerend goed. Zo kan in principe iedereen meedingen naar de organisatie van dit sportieve feest. Helaas werden bij de toekenning van het WK-voetbal aan Qatar naar verluid vier FIFA-leden met miljoenen oliedollars omgekocht, waarna ruim 6.500 arbeidsmigranten doodgemalen werden bij de voorbereidende werkzaamheden voor het WK zelf. Iemand rekende voor dat dit één dode per 6m² grasveld zijn, allemaal voor infrastructuur die na het WK amper nog gebruikt zal worden. En dus zit het voetbalminnende deel van de wereld verveeld met het feit dat er bloed kleeft aan hun hun traditionele hoogmis, die bovendien plaatsvindt op een ongemakkelijk tijdstip in een land met amper noemenswaardige voetbalcultuur en krakkemikkig respect voor mensenrechten. Quatar pleegt met andere woorden weinig minder dan geweld op het idee van voetbal zelf en vraagt haar slachtoffers om ervan te genieten en hun mond te houden. Voor verwende westerlingen vraagt dit gelukkig weinig meer dan even weg te kijken van het leed en als een pavloviaanse hond het balletje op het scherm te volgen. Voor vele duizenden slachtoffers is dit voetbalfeest een bron van onnoemelijk lijden dat nooit had mogen plaatsvinden. Dit jaar laat Bierman alvast om al deze redenen de ongemakkelijk paringsdans van de Rode Duivels op televisie aan zich voorbij gaan. Misschien haalt hij zijn oude cursus Epistemologie nog eens boven om te zien wat hij allemaal gemist heeft en of woorden nog altijd hetzelfde betekenen. Brood en spelen bijvoorbeeld: alle begrip voor dit aloude Romeinse principe, maar moest het er dit jaar echt zo dik op liggen?

 

Eén van de officiële sponsors van het WK in Quatar - waar niemand die echt van voetbal houdt op zit te wachten - is Budweiser, niet toevallig ook een bier waar niemand die echt van bier houdt op zit te wachten. Vol trots kondigt de brouwgroep aan dat er meer bier zal gedronken worden tijdens het WK in Quatar dan doorgaans gedurende een heel jaar in het land. Het bier wordt aangevoerd met vrachtschepen en in speciale gekoelde magazijnen opgeslagen om het te beschermen tegen lokale 35 graden Celsius. Mocht er toch bier te kort zijn dan staan vliegtuigen in het Verenigd Koninkrijk klaar om extra in te vliegen, zodat supporters de kostbare roes kunnen opwekken die bij al dit voetbalplezier hoort. Een fles van 33 cl zal 11 dollar kosten, wat het tot het duurste bier ter wereld zal maken. Er is ook Budweiser Zero beschikbaar dat gegarandeerd niet naar zoute tranen en bitter gal zal smaken. Het bier zit overigens in dezelfde groep als Anheuser-Busch InBev en dus zal voor wie geen ticket naar de woestijn kan betalen nog steeds de Jupiler rijkelijk vloeien, dat andere hoogfeest van de middelmaat.

 

Uiteindelijk gaat het erom dat geld alles wat waarde heeft leeg maakt. Zalig de dwazen die naïef en onwetend meegaan in elke emotie die hen voorgekauwd wordt, maar wie de kapitaalstromen eenmaal met eigen ogen heeft zien lopen weet zich bedrogen en gaat elders op zoek naar authenticiteit. Misschien moeten we het WK de komende maand maar even aangrijpen op te verstillen voor alle slachtoffers van de miljardendans -die momenteel een spoor van vernieling over de hele aardkloot trekt om daarna nieuwe wegen in te slaan.

 

PS: Na het schrijven van dit artikel werd bekend dat Quatar alle alcoholhoudende dranken bant uit de voetbalstadions. Bierman had de laatste paragrafen in functie hiervan kunnen herschrijven, maar hij besefte net op tijd het hem allemaal volmaakt onverschillig laat. 

Radio Minerva vs The Metaverse

Omdat Bierman af en toe in zijn gazet leest, weet hij dat de wereld binnenkort gaat ophouden te bestaan en iedereen zichzelf zal uploaden in een gesublimeerd universum. Hard-Boiled Wonderland noemde Haruki Murakami dit fenomeen al in de jaren ’90 van de vorige eeuw en hij zag er meteen het einde van de wereld in. Tegenwoordig gaat deze dystopische aanslag op de menselijke waardigheid als het Metaverse door het leven, maar veel beter lijkt het er allemaal niet op geworden. Ons lichaam zal blijkbaar achterblijven als een hinderlijk stuk restvlees, terwijl onze geest avonturen beleeft op de servers van een industriepark in Wallonië. Bierman kan maar hopen dat onze regering - na de sluiting van de kerncentrales - voldoende bruinkool uit Duitsland kan importeren om deze zorgvuldig geregisseerde menselijke waanvoorstelling gaande te houden. Wat niet wegneemt dat hij de ironie bijzonder waardeert van een Meta-universum dat het leven zelf wil overstijgen. Slechts weinig projecten waren van aanvang al meer tot mislukken gedoemd dat dit humorloos stukje technofetishisme.

De wereld is vooralsnog niet rijp voor digitaal bemiddeld leven en bovendien komt voor senioren het Metaverse per definitie al te laat. Vandaar dat het Metaverse van de gemiddelde Antwerpenaar luistert naar de naam Radio Minerva. Dat is een Antwerpse lokale radio die het unieke vermogen bezit om vol overtuiging streekberichten te brengen alsof het wereldnieuws is, aangevuld met de actuele wereldhits van lang geleden. De zender klinkt als een smeltende frisco op het strand van Sint-Anneke, met de zilte reuk van de Schelde in de lucht en de blokken van linkeroever dreigend over de schouder. Een schip vaart voorbij, de Kathedraal blijft maar naar de hemel wijzen, het leven is goed genoeg.

Omdat Bierman evenwel niet wil achterblijven bij de geplogenheden van de moderne tijd biedt hij u – hooggeachte lezer – bij deze de mogelijkheid aan om deze tekst in 4D te gebruiken: gedrukt op echt papier én met het geluid van Radio Minerva (98 FM) op de achtergrond. U kan dit bovendien ook doen bij het drinken van een Radio Minerva Tripel in kapsalon Salvatore op de Paardenmarkt waar deze zender altijd opstaat. Dan wordt het een dusdanig gelaagde ervaring dat Zuckerberg er zelfs geld voor zou geven, … bitcoins of andere waardeloze brol.

De Radio Minerva Tripel (7%) werd door de Antwerpse Brouw Compagnie (die van het Seefbier aan het Kattendijkdok) gemaakt om de zender financieel te steunen. Het is gelukkig een heel klassieke tripel geworden die iets meer kruiden dan mout biedt, maar wel perfect het evenwicht weet te behouden. Dit bier drinken is als likken aan de stenen van de Meir, het lied van de straat neuriën terwijl de duiven op het standbeeld van Rubens schijten en smoelen trekken naar de apen in de Zoologie. Dat allemaal tegelijk. Als ooit het Metaverse realiteit wordt, dan zal Antwerpen de laatste stad zijn die weerstand biedt en Radio Minerva zal de profetische stem zijn die onze medeburgers oproept om de VR-bril terug af te zetten: doe maar gewoon, dat is al Zot genoeg!

Omer of de laffe moord op den Duvel van Breendonk


In de naoorlogse periode was Duvel van brouwerij Moortgat in Breendonk zowat het enige bier dat in elk café in Vlaanderen te krijgen viel. De meeste café’s zijn eigendom van brouwerijen of zijn er door allerhande slinkse contracten met handen en voeten aan gebonden. Zeldzaam is de kastelein die zelf beslist wat er geschonken wordt en het belangrijkste kernmerk van dit soort onafhankelijke zielen is dat de slijterij hun eigendom is. Enkel naar Duvel was de vraag een halve eeuw lang zo massaal dat het bier een zekere alomtegenwoordigheid kreeg die ook aan de verpersoonlijking van het kwaad kan toegeschreven worden waaraan het bier haar naam ontleende.

Traditionele sterke blonde bieren als Duvel zijn heldere bieren die veel alcohol combineren met een heel licht mondgevoel. Tegenover de klassieke trappist, die meer kleverig is en veel meer complexe smaken kent, vormt de Duvel en zijn familie de rustige eenvoud en standvastigheid zelve. Het leek er ook op dat het altijd zo zou blijven, tot Omer langskwam en lafhartig den Duvel een mes in de rug stak.

Omer slaagde er namelijk in, nadat het in 2008 door brouwerij Vanderghinste op de wereld werd losgelaten, om niet enkel Duvel maar zowat elk sterk blond bier in één vloeibare beweging overbodig te maken. Omer is als het ware een Duvel die gebrouwen wordt met uiterst lichte pilsmout waardoor dit bier alle eigenschappen die bierliefhebbers traditioneel waarderen in Duvel nog meer uitvergroot en waardoor bovendien Omer nog veel vlotter wegdrinkt. Omer heeft met andere woorden het volmaakte evenwicht gevonden tussen veel alcohol, niet al te veel smaak en grote verteerbaarheid. Omer is vandaag overal te koop…

Wie thuis is in de wereld van de volks- en dialectzang weet dat “De laffe moord op Hector de Zutter van Beernem” een klassieker is van marktzanger Erik Wille over een onopgeloste moordzaak uit 1926. De arme Hector, kostwinner en boerenzoon, werd lafhartig vermoord en zijn levenloze lichaam werd door de vuige daders in de Brugse vaart gegooid waar het pas een maand later kwam bovendrijven. In de degelijk Vlaamse serie De Bossen van Vlaanderen (1991) valt nog iets terug te vinden van de koortsige paranoia waarin de streek gedompeld werd, aangezien in die tijd - naast de arme Hector - best nog wel wat ander schoon volk vroegtijdig het tijdelijke voor het eeuwige wisselde.

In de allegorie die hier door Bierman gebezigd wordt, is Duvel natuurlijk een onschuldige boerenzoon die rustig van het café naar huis aan het wandelen is. Een beetje wankel op de benen misschien, maar verder perfect in staat om zich overeind te houden. Terwijl Duvel zich bezighoudt met zijn eigen zaken komt daar Omer aangelopen. Omer, de schavuit, de schoelie, het galgenaas, nog maar net vanonder moeders rokken weg en al volop bezig om Duvel het leven zuur te maken. Omer pleegt een laffe moord door … euh … beter te smaken Duvel en er zo voor te zorgen dat Duvel veel minder verkocht wordt in alle cafés ter wereld. En daarmee – geachte lezer – heeft Bierman enerzijds onomstotelijk aangetoond dat metaforen die van het begin al mank lopen doorgaans niet meer recht te trekken zijn, maar ook dat de paranoia die momenteel heel bierland beheerst na de komst van karaktermoordenaar Omer echt is en de komende jaren niet weg zal gaan.

Duvel is dood, leve Omer zou Bierman tot slot nog kunnen zeggen naar analogie met de recente gebeurtenissen in het Verenigd Koninkrijk. Maar hij doet dit toch liever niet omdat één keer plat op de bek gaan met een mislukte metafoor ruim voldoende is zo vroeg op het academiejaar.

 

Antwerpse stadsbrouwerijen

Wie zich verplaatst tussen de verschillende campussen van  Universiteit Antwerpen zal zich mogelijk verwonderen over de enorme hoeveelheid woningen, winkels en cafés die men daar kan aantreffen, alsmede de grootste containerhaven van Europa. Een stad met grootstedelijke kenmerken zou onze rector met enige academische nuance over deze Scheldebocht zeggen. ‘De Metropool’ zeggen de Antwerpenaren zelf, in de volstrekte zekerheid dat bescheidenheid als begrip wel bestaat maar slechts zijdelings op hen betrekking heeft, bijvoorbeeld als iets waar de Antwerpenaar beter in is dan de rest van het land.

Niet geheel toevallig heeft de beste stad van de wereld met de Koninck en Seef meteen ook twee van de beste bieren ter wereld in huis. Dit is gebleken uit een onderzoek van de Universiteit Antwerpen uit 2018  waarin aan alle Antwerpenaars uit heel de wereld werd gevraagd welke bieren het beste zijn. De Koninck en Seef kwamen daarbij als beste naar voren op de voet gevolgd door ‘Andere bieren’. De relaties tussen de stad en de universiteit zijn sinds dit onderzoek overigens sterk verbeterd. Naar het schijnt hangen in café den Engel tegenwoordig zelfs professoren en lokale politici samen aan de toog na de gemeenteraad terwijl ze pindanootjes in elkaars mond werpen. Het onderzoek zelf is helaas in de recente brand op de stadscampus verloren gegaan, maar de resultaten worden door niemand openlijk betwist. 

Rest Bierman nog om iets over deze bieren zelf te vertellen. De Koninck is een helder amberkleurig bier in Engelse stijl. Het is een smakelijk en verfrissend bier dat gul geschonken en dorstig gedronken wordt. De inmiddels met uitsterven bedreigde naoorlogse gewoontedrinkers hebben in de Antwerpse vokscafés ontelbare bollekes Koninck naar binnen gegoten. Tegenwoordig is het wat minder populair, maar niets roept meer de sfeer op van het bruisende Antwerpen uit de jaren ’70 en ’80 dan een goed getapte Koninck.

Seef is dan weer het oude bier uit de Antwerpse Seefhoek, de volkswijk achter het Sint-Jansplein waar ook Students on stage voor de stadscampus elk jaar doorgaat. Het is een prachtig blond bier met een plezante kruidige smaak dat zich verheft boven de middelmaat door een ongefilterde, bijna melkachtige, troebelheid. Troebele bieren durven wel eens wrang of plakkerig uit te vallen, maar daar is niets van terug te vinden in Seefbier. Het bier wordt in heel Antwerpen geschonken in stevige rechte glazen, wat toch een heel ander handgevoel geeft dan de ronde vormen van de Koninck.

Een eervolle vermelding is er nog voor Cabardouche, het bier van de gelijknamige brouwerij aan de Singel in Borgerhout. Zeker eens binnenspringen in het bijhorende café als je toevallig die kant uit zou moeten. En tenslotte heeft Bierman ook nog een in memoriam veil voor De Zwarte Sinjoor en den Bangelijke.  Dit waren de bieren van brouwerij ’t Pakhuis op de Vlaamse Kaai. Helaas hebben deze de afgelopen coronacrisis niet overleefd en is de locatie nu een visrestaurant waar in de oude installaties wel nog een huiseigen pils wordt gebrouwen. Mogelijk gaat dit laatste wel het budget van een gemiddelde student te boven, maar een echte Antwerpse studenten laat zich door dit soort details niet tegenhouden.

Seef of Koninck, Koninck of Seef. Wat u ook drinkt, beste student, geniet van de smaak en geniet met volle teugen van het leven, maar stem de consumptie af op het feit dat in De Metropool een half miljoen mensen op een kleine ruimte met elkaar moeten samenleven. Van het reduceren van deze twee prachtige bieren (en bij uitbreiding alles wat onder de categorie andere bieren valt), tot eenvoudige dragers van alcohol is nog nooit iemand beter geworden.  

 

 

Den Ingenieur: Zelfgebrouwen

In momenten van vertwijfeling – dus eigenlijk alleen maar wanneer hij ‘s nachts van café De Zwaan richting de Salamander slentert - durft Bierman zich wel eens af te vragen wat het verband is tussen de naam van een bier en datgene wat effectief in de fles zit. Zitten er met andere woorden meer paters en abdijen in een Westvleteren Abt dan in een Straffe Hendrik Quadruppel of kunnen rechtschapen mensen wel Duvel drinken zonder het kwaad te banaliseren? Dichter bij een existentiële crisis is Bierman vooralsnog niet gekomen, aangezien de weg tussen De Zwaan en de Salamander langs het Telefoneke gaat. Bierman gaat daar nogal makkelijk binnen voor een fris glas bier en wat vers gesneden fritten en vergeet dan al snel wat hem even daarvoor nog ten dode bedroefde. Maar het hakt wel in zolang het duurt, dit soort vragen onderweg. Zo moeten mensen zonder geloof zich dus voelen.

 Dat brengt Bierman bij de vaststelling dat steeds meer studentenclubs hun eigen bier beginnen te maken. Zit die club dan mee in de fles? Kapitalisme vereist dat een brouwer bier maakt, daar een naam op plakt die al dan niet verband houdt met waar en wanneer het bier is ontstaan en deze vervolgens aan bierdrinkende medemensen verkoopt. Zelfgebrouwen betekent dat studentenclubs een uniek recept “zelf” laten brouwen in een speciaal daartoe ontworpen brouwerij omwille van het voorrecht om hun eigen naam op de fles te zien verschijnen. De kans dat dit soort bieren beter dan middelmatig uitvallen, is even groot als de kans om een meerkeuzenexamen statistiek te slagen zonder te studeren. Wat betekent dat studenten hun kans veel groter inschatten dan redelijkerwijs mag worden aangenomen.

 In geval van Den Ingenieur, het bier van Ingenium, de faculteitsclub van Industriële wetenschappen gaat het om een middelmatige (maar zeker geen slechte) tripel met een heel mooi etiket. Net zoals abdijbier niet smaakt naar paters, smaakt dit bier ook niet naar gegiste blauwdrukken van hangbruggen of wolkenkrabbers. Maar wie Ingenium liefheeft die proeft de vriendschap in het glas en wie zich zoals Bierman, graag mimentisch warmt aan de gloed van kameraadschap kan met een gerust hart een smakelijk glas meedrinken op de gezondheid en het heil van de student in het algemeen en die van Ingenium in het bijzonder. De rest van de wereld zal dit bier volmaakt onverschillig laten, maar dat was van bij het begin al de bedoeling. De brouwer heeft tenslotte zijn voorraad bij voorbaat al gesleten en de club heeft haar hart en ziel erin geprojecteerd, wat er verder mee gebeurt is voer voor historici.

 

  

Cara Blond en Cara Rouge

Van een student is het bekend dat deze wel eens een pintje lust. Daar zijn liederen over gemaakt die tot op vandaag lustig gezongen worden. Ook door Bierman overigens, die tot op vandaag zowel het bier als de liederen koestert als bijzondere schatten.

Onder studenten is Cara Pils van de Colruyt Groep inmiddels uitgegroeid tot een begrip. Dat is opmerkelijk aangezien Cara in 2015 nog even op de lijst stond om herdoopt te worden tot Everyday Pils, wat zoveel betekent als de goedkoopste pils op de markt. De winkel moest onder druk van haar trouwe fans noodgedwongen dit plan opgeven omdat de tijdsgeest Cara inmiddels tot een vloeibare meme had verheven. Tegenwoordig heet het dat de Cara Pils de ultieme prijs/kwaliteit verhouding heeft. Dat is in wezen hetzelfde aangezien alle Belgische Pils amper het drinken waard is in vergelijking met pakweg haar Tsjechische of Duitse tegenhangers. De Cara drinkende student is evenwel op een ironische manier van het besef doordrongen dat de Jupilers, Maes en andere bieren van deze wereld meer pretentie dan inhoud hebben. En dus is Cara is een sterk merk geworden. Een ironisch merk weliswaar, maar in wezen niet anders dan grote merken van de machtige brouwfabrieken van onze tijd, en aan de kassa maakt dat allemaal niet zoveel verschil.

Inmiddels is bij de herauten van het vrije ondernemerschap ook het besef gegroeid dat Cara een geschenk is dat blijft geven en dus werden recent met veel bazuingeschal de Cara Blond (8,5 % en 0,52 euro per blik) en de Cara Rouge (7,5% en 0,69 euro per blik) op de markt gebracht: speciaalbier met een sterke prijs-kwaliteitverhouding heet dat dan. Dat is zever in blik natuurlijk aangezien België wél wereldwijd bekend staat om zijn speciaalbieren en in dit specifieke geval goedkoper dus ook gewoon minderwaardig betekent.

Blijft over: een bier dat enorm veel alcohol voor een enorm lage prijs biedt, al dan niet aangelengd met mierzoete kriekensiroop om nog sneller te kunnen consumeren. Een klassiek voor- en indrink bier dat zich qua marketing expliciet richt naar studenten en andere groepen voor wie geld niet altijd ruim voorhanden is. Bier dus gereduceerd tot drager van alcohol. Waar Cara Pils de consument nog de illusie geeft om tegen het systeem te rebelleren met een de zelfverzonnen mythe van een subversief consumptiepatroon zijn de Cara Blond en Rouge platte zuipbieren waarmee Colruyt zich richt tot kwetsbare en beïnvloedbare mensen. Neem een willekeurig boek van Louis Paul Boon, vervang het woord jenever door Cara en je krijgt een beeld van wat hoe ontwrichtend dit kan zijn voor een gemeenschap. Daarmee bedoelt Bierman in de eerste plaats de gemeenschap van studenten hier in Antwerpen, maar ook de samenleving dreigt van dit soort onverantwoord cowboy-kapitalisme de rekening te betalen. Al was het maar omdat ziekenhuisopnames en gebuisde studenten met een alcoholprobleem veel geld kosten.

Overigens is het niet nodig om Bierman te heten om te beseffen dat in een samenleving die steeds kritischer wordt voor alcoholconsumptie, Cara Blond en Rouge het ideale glijmiddel zullen zijn voor strengere wetten en hogere accijnzen. In die zin schieten de makers van dit bier (laten we hen geen brouwers noemen) wel in hun eigen voet en in die van onze studenten. Maar op wie hebzuchtig genoeg is om Cara Blond en Rouge op de markt te brengen maakt dit waarschijnlijk weinig indruk. De ironische pils van weleer is een bitter en cynisch aftreksel van zichzelf geworden.

Tripel Confessions

Toen een verbolgen webmaster in 2009 het roemruchte forum Flopclass van de ene op de andere dag offline haalde, ontwaakte de Universiteit Antwerpen met een fikste kater uit haar roddelende, achterklappende en min of meer illegaal notities uitwisselende roes. Flopclass was de officieuze plaats binnen onze gezegend instelling waar frustraties geventileerd konden worden en waar kond werd gedaan van informatie die eigenlijk niet met meer dan twee personen tegelijk mocht worden gedeeld. Semi-geïnstitutionaliseerd roddelen dus waarvan de therapeutische werking door sociologen niet drastisch genoeg onderstreept kon worden.

Intussen werd de therapeutische en ook wel recreatieve rol van Flopclass overgenomen door het alomgeprezen UA Confessions. Een Facebookpagina waar volledig anoniem de meest persoonlijke berichten al dan niet met een knipoog kunnen gepost worden. De term confessions verwijst natuurlijk naar de Confessiones van Sint Augustinus van Hippo, een kerkleraar die in het jaar 397 uitlegde hoe hij zich bekeerde tot het Christendom na een leven met teveel pintjes en schoon vrouwvolk (“bedankt God dat u mij gered heeft, … maar niet te vroeg” is een uitspraak die – niet geheel gespeend van enige boosaardigheid - aan deze Heilige wordt toegeschreven).

De gelijknamige Facebookpagina ligt volledig in het verlengde van dit soort bekentenissen, maar bleek de afgelopen jaren ook een uitermate heilzame gemeenschap te zijn. In volle crisis werden noodkreten van studenten met veel liefde en zorg behandeld en studenten voelden feilloos aan wanneer hun gezwans en gezever even moest omslaan tot welgemeende aanmoediging en ondersteuning. Bierman, en samen met hem heel de universitaire gemeenschap, kreeg er regelmatig een warm gevoel bij.

Inmiddels heeft een ondernemende student een ook Tripel Confessions bier gemaakt, met toestemming van de beheerder zodat deze niet ten tweede male uit verbolgenheid de stekker uit de groep zou trekken. Het gaat om een relatief kleine batch van 250 bakken, gebrouwen in de ketels van brouwfirma Beerselect. Dat betekent dat professionals aan de roerstok stonden, maar verder is het een bier dat helemaal door studenten en voor studenten werd gemaakt. De Amarillohop in combinatie met dry hopping zorgt voor een goed wegdrinkend bier met een verfrissende bitterheid en redelijk originele smaak bij een stevige 8 % alcohol. Ook plezant is dat een QR code op het etiket de argeloze consument naar de Facebookgroep van UA Confessions leidt, wat voor sommigen wel een openbaring mag heten. Ook Bierman heeft op deze site dingen geleerd over het leven die ieder fatsoenlijk en weldenkend mens in opperste verwarring zou achterlaten, twijfelend over de zin van het bestaan in het algemeen en het vermogen tot zelfbehoud van jongere generaties in het bijzonder (hoewel het vermogen tot procreatie duidelijk niet op de helling staat). Gelukkig is Bierman geen fatsoenlijk, noch een weldenkend persoon, behalve als het over bier gaat.

Rest Bierman nog u te zeggen dat het bier te verkrijgen is via www.tripelconfession.com en ook in het Agora Café (Stadscampus).

Schuppenboer Winter

Het zijn moeilijke tijden voor brouwers van winterbieren, nu koning winter nog maar een schim is van zichzelf. De herfst is naadloos overgegaan in de lente en de lente is dat triestige seizoen waarin alles is toegezegd, maar niks geleverd. De lente is wachten. Wachten op de Playstation 5, de Geforce 4090, nog meer Bitcoins, een pakket van Bol dat er al had moeten zijn maar vertraging heeft omdat er geen minderjarigen meer mogen meewerken. Wachten op examens, op punten en een diploma, op Valentijn en de ware liefde en op de toekomst waarin winters niet meer bestaan omdat we teveel Playstations en cryptobrol kopen. Wachten, wachten, wachten. 
Regelmatig hoort Bierman verhalen over mensen die vreugde ervaren bij het zien van de eerste bloemen en die vlinders in hun buik krijgen bij de eerste waterige zonnestraal. Vermoedelijk bestaan er dus ook wel mensen die graag lente hebben. Maar dat neemt niet weg dat dit seizoen van onvervulde verlangens duidelijk het verst van allemaal van onze oververhitte tijdsgeest afstaat. Gelukkig is het tegenwoordig perfect mogelijk om meteen de zomer te kopen, of toch minstens het vliegtuig daar naartoe. Eerst examens, punten, een diploma, werk en veel geld en vanaf dan altijd zomer. Een mens kan maar dromen. 

Uit respect voor het handvol brouwers dat koppig voortdoet met het brouwen van winterbieren, terwijl de temperaturen hardnekkig hoog zijn gebleven, heeft Bierman op driekoningen jongstleden zijn kerstboom met ballen en al verbrand in de vuurkorf op zijn terras, onderwijl een Schuppenboer Winter drinkend. Dit bier wordt gebrouwen door Brouwerij Het Nest uit Oud-Turnhout en is eigenlijk een uitstekende Schuppenboer Grand Cru die een jaar lang op gerijpt heeft op oude rumvaten uit Jamaica. Daarmee is de kleur iets donkerder dan het blonde origineel en de smaak iets (volgens sommigen: overweldigend) euh, … rummiger. Er zit inderdaad een niet onverdienstelijke belofte van hout, alcohol en piraten in de Schuppenboer Winter, wat het bier niet enkel een stevig smoelwerk, maar ook een behoorlijk koudeververbijtend vermogen geeft. Terwijl de kerstboom rustig wegknettert en af en toe een glazen kerstbal kapotknalt als een vage echo van het al lang vergeten oudjaar, overvalt Bierman plots een fel heimwee naar de lange winteravonden van weleer waarin de sneeuw kniehoog stond en bijtende vorst nog de koning zette in koning winter. Vandaag is Koning Winter een Schuppenboer geworden en straks steken de eerste mottige bloemen weer hun kop boven de grond. Sic transit gloria mundi.

Vlaamsche Leeuw

Er valt iets voor te zeggen om Vlaamsche Leeuw uit te roepen tot het ultieme kerstbier. Uiteindelijk zijn kerstmis en oudjaar toch bij uitstek de feesten waar nonkels zich zat drinken, over politiek zeveren en ambras maken om zo de sluimerende familievete weer voor een extra jaar van brandstof te voorzien. Meer politiek geladen dan Vlaamsche Leeuw drinken met Kerstmis kan het niet worden (behalve misschien een Tempelier op een terras in Jeruzalem) en waarschijnlijk was dat ook het effect dat Brouwerij van Vlaanderen wilde bekomen.  

Aangezien hij hier – bij gebrek aan tegenwoord – zelf voor zatte nonkel moet spelen, opent Bierman graag de debatten door uit te leggen dat Vlaanderen het stuk land is dat ruwweg tussen Rijsel, de Schelde en de Noordzee ligt. Het is ook een gewest en een gemeenschap, maar dan zonder Rijsel en met Brabant en Limburg erbij. Behalve Brussel. Verder leerde Bierman een paar jaar geleden ook dat er een officiële Vlaamse Leeuw is met rode klauwen die mag gezwaaid worden en een strijdleeuw met zwarte klauwen die zijn poten verbrand heeft aan een wat meer rechtse en conservatieve ideologie. Achteraf legde iemand nog uit op café dat dat helemaal niet waar is, maar Bierman weet niet meer waarom. En dus merkt hij toch bijna onwillekeurig op dat op de flessen Vlaamsche Leeuw een wat meer strijdbaar exemplaar afgebeeld staat.  

De Vlaamsche Leeuw Tripel werd ontwikkeld naar aanleiding van 700 jaar Guldensporenslag. Een overwinning op de Fransen waar wij Vlamingen tot op vandaag trots op zijn. Wie veel tijd heeft in de kerstvakantie kan De leeuw Van Vlaanderen van Hendrik Conscience nalezen om te weten waarom. Wie écht veel tijd heeft kan het indrukwekkende De waanzinnige veertiende eeuw van Barbara Tuchman erop nalezen om te weten waarom niet. De Franse ridders hebben in die periode namelijk zowat alles verloren wat er te verliezen viel.  

Hoe dan ook lijkt het er sterk op dat wie een Vlaamsche Leeuw drinkt meteen ook de goede zaak steunt, namelijk Vlaanderen. De Vlaamsche Leeuw Tripel is overigens een goed gemaakt en smakelijk bier van hoge gisting van 8,5 procent en met hergisting op de fles. Volgens de website van de brouwer smaakt de afdronk naar peren en appeltjes, wat toch twee onverdacht volkseigen fruitsoorten zijn. Geen buitenlandse nieuwlichterij met citrus of banaan dus, op het eerste zicht dus ook geen Poperingse hop, maar wel betrouwbare Tsjechische Saaz.  

Er is ook een bruine Vlaamsche Leeuw, die luistert naar de naam Donker (7,5%, hergist). Hoe lullig het ook is, Bierman kan niet anders dan toegeven dat hij aan de laatste grote oorlog denkt telkens hij het bier bestelt op café. Het zal wel een defect in zijn hersenen zijn of zo, maar mochten er nog mensen zijn die hetzelfde ervaren en op zoek zijn naar hulp, dan mogen ze hem altijd contacteren. Misschien was een dubbel of quadruppel wel een meer onverdachte naam geweest. Verder valt de donkere variant eigenlijk ook niet echt een geslaagd bier te noemen. Het bier is niet wrang of bitter, maar eerder neutraal en smaakt te weinig door om de vergelijking met andere Vlaamse dubbels goed te doorstaan.  


God vindt welbehagen in alle mensen, zo luidt de Kerstgedachte, en als u, beste lezer, straks tijdens de feestdagen samen met de familie een bak Vlaamsche Leeuw Tripel vredig overleeft dan is er nog hoop voor toekomst en zijn er misschien niet voor niets zoveel flinke Vlamingen gestorven op de grazige Groeningenkouter of de triestige knekelvelden van Pevelenberg. Zalig kerstfeest! 


Sint Hubertus: Winter is canceled

Als het buiten stenen uit de grond vriest smijten onze brouwers traditioneel de argeloze consument om de oren met wat meer alcoholische Kerst- en winterbieren. Dit alles natuurlijk om lichaam en geest wat te verwarmen en mogelijk ook om meer bier te kunnen verkopen. Helaas zijn er geen winters meer nu de klimaatopwarming zich op gang heeft getrokken. De bomen zijn wel wat kaler en het is nat, donker en kou. Maar het regent altijd teveel, het is niet koud genoeg om de kou te kunnen verbijten en gele xenonlampen drenken onze triestige lintbebouwing in een permanente sluier van mistige pis. Kortom: de winter is dood en van maart tot oktober is het herfst in ons land. Jozef en Maria moeten tegenwoordig blaren harken rond de Kerststal.

Een mens lijkt niet gemaakt om in dit soort eeuwigdurende overgangstijd te leven. Gelukkig kunnen we nog consumeren en zijn er dus die winterbieren om met wat alcohol de bittere beet van het spleen even weg te nemen (en natuurlijk het kind in de kribbe dat een boodschap van vrede brengt, maar niet iedereen is nog helemaal mee met dat verhaal). Herfst dus: het is voorlopig de enige duidelijke winnaar van de klimaatcrisis en tegelijk een van de woorden waar geen rijmwoord voor bestaat. Wie van nature wat neerslachtig is zal dit als een teleurstelling ervaren, maar heel wat grote dichters zien dit soort zaken meer als een uitdaging. Bierman citeert daarom met enig genoegen de versregels van de onovertroffen Drs. P. De eerste die doorhad dat winter gecanceled is:

De buren waren grimmig, zijn ouders diep gegriefd.
En onder zijn collega’s was hij ook al niet geliefd.
De oude juffrouw Zomer, baas Voorjaar, meester Herfst.
Ze riepen driewerf schande, juffrouw Zomer het driewerfst.

Verder is herfst bij uitstek ook het jachtseizoen. De tijd waarin menig melancholicus de tweeloop bovenhaalt om zijn weltschmertz te desublimeren tot een hagelschot in de pels van een konijntje of in de borst van een Edelhert. Bierman heeft de ervaring dat het uitspuwen van bolletjes lood bij het eten van hazenpeper of hertenfilet hem nogal brutaal herinnert aan zijn eigen sterfelijkheid, wat niet per definitie onaangenaam hoeft de zijn. Ironisch genoeg is Sint Hubertus, de man die gestraft werd omdat hij het aandurfde om op Goede Vrijdag te gaan jagen, uitgegroeid tot de patroonheilige van de jacht en bijgevolg ook het gezicht van de herfst. Het was dan ook niet meer dan logisch dat enkele jaren geleden een bier met deze naam werd ontworpen in een Ardens industriepark. Opmerkelijk genoeg geen donkere en zware bieren, maar een ambere variant en een tripel. Het klopt inderdaad dat heel wat wildgerechten beter tot hun recht komen naast goed gekruide blonde bieren en deze Sint Hubertusbieren slagen daar bijzonder goed in.

Rest Bierman nog op te merken dat het wetenschappelijk bewezen is dat eten van hertenragout, fazantenpastij en ander vlees de duur van de Herfst nog zal verlengen zodat Sint Hubertus het hele jaar gevierd en zijn bier het hele jaar gedronken kan worden. We zullen eraan moeten wennen.

Nomenclatuur

In het tweede hoofdstuk van de bijbel klink het: “dat de mens namen heeft gegeven aan al het vee, alle vogels en alle wilde dieren” en misschien was dat wel al meteen het moment waarop we vol schande het paradijs hadden moeten verlaten. Dat geval met die appel dat daarna kwam, was eigenlijk gewoon het onvermijdelijke gevolg van deze totaal misgelopen nomenclatuur. Wie een dier een dwaze naam als ‘Slang’ geeft, moet misschien niet verbaasd zijn wanneer dat beest vervolgens een kosmisch complot bedenkt om de voltallige mensheid in een afgrond van lijden en dood te storten.

Dit alles maar op te ze zeggen dat het altijd al een bijzondere ergernis van Bierman is geweest dat alles al een naam heeft en dat een groot deel van die namen dwaas klinkt. Centraal in dit kosmische drama staat natuurlijk de ingreep van een paar zatte geleerden om de planeten van ons zonnestelsel naar de Romeinse goden te noemen. Wie niets beter kan bedenken dan de gigantische gasbollen die het lot van ons zonnestelsel bepaald hebben Jupiter en Saturnus noemen heeft “saai” op het voorhoofd geschreven in een dozijn niet bestaande talen. Dan is H.P. Lovecraft nog net iets creatiever geweest met namen voor planeten als Yuggoth of Chag-Hai, thuisplaneet van de worm die knaagt in de nacht. Helaas was Lovecraft niet in de buurt toen de wetenschap faalde.

Veder zijn er bergen die doodgewoon Blanc of zelfs hoogmoedig Everest heten en mogen we blij zijn dat vogels geen rechtspersoonlijkheid hebben want anders kregen we zeker een proces aan onze broek van een Wulp of een Fuut wegens tergende en roekeloze naamgeving. Het feit dat dinosaurussen gaan lopen zijn met Tyrannosaursus en Diplodocus is nog geen reden om hun evolutionaire opvolgers te kleineren met namen als Baardmannetje, Poelruiter of Lepelaar. De Wielewaal zingt niet, maar jankt stilletjes in zichzelf om zoveel ellende.

Omdat het ook over bier moet gaan geeft Bierman nog mee dat Cara beter klinkt dan Jupiler en daarom onvermijdelijk de wereld zal veroveren, terwijl Jupiler nooit meer dan een boerengat in de Wallonië zal blijven. We moeten daar niet moeilijk over doen, dat leert de Bijbel.

Ook de trend om bieren te vernoemen naar abdijen lijkt nu wel definitief voorbij is. De goeie kloosters zijn allemaal in gebruik en Dienstmaagd van de Zaligmaker Tripel of Dubbele Missionaris van het Goddelijk Woord klinkt blijkbaar toch niet vermarktbaar genoeg. En dus heeft de nomenclatuur van onze bieren vandaag de huwelijkse banden tussen godsdienst en commercie verbroken voor een onheilig pact tussen populaire cultuur en persoonlijke interesse van de brouwer. Soms levert dat wat op zoals bij de Koekedam, Smeerolie of Homo Beerectus. Soms is de Bijbel weer helemaal terug met namen als de Zingende Blondine  of Schoenlappertje (10% van onze bierentitels is een verkleinwoord. Verkleinwoorden maken nooit iets beter). En daarmee heeft u, beste lezer, alweer wat om over te praten bij uw volgende bezoek aan het café.

Cesar

Naar het schijnt bestaat er een schilderij van een Belgische surrealist waarop een pijp staat afgebeeld en daaronder de droge mededeling dat dit het geen pijp is. Dat laatste overigens in het Frans, een taal waarin het altijd al lastig is om zich correct uit te drukken en een brood bestellen bij de bakker klinkt als het voordragen van een sonnet. De schilder van dit doek heet Renée Magritte en deze wordt gezien als het hoogtepunt van het Belgisch surrealisme, hierin slechts geëvenaard door Paul Delvaux en diens preoccupatie met treinen die nergens naar toe gaan (en misschien ook door het Vlaams parlement dat ook nooit ergens naar toe gaat). Dat is allemaal onzin natuurlijk. De grootste surrealist van ons wonderbaarlijk patattenland is Linthout, de tekenaar en voornaamste scenarist van de iconische Urbanusstrips.

Magritte is er tijdens zijn leven met moeite in geslaagd om een handvol kaders te vullen met slecht geplaatste appels en pseudo-intellectuele bijschriften bij dingen die objectief gewoon wél een pijp zijn. Linthout daarentegen zit ondertussen aan een kleine 200 volledige stripboeken waarin elk tweede prentje een surrealistische grap is. Zijn strips worden bevolkt door iconische figuren als de sloor Eufrazie. Jef Patat die samen met Eddy Wally een pretpark start. God de vader en dienst mislukte poging om schepping af te schaffen om van de miserie met Urbanus vanaf te zijn. Al ne keer gebezigd waspoeder op Uranus (eigenlijk Urbanus, maar de B is ingeslikt door de navel van de planeet). Het boerke dat botst met zijn strontkar en in tranen uitroept dat hij een heel jaar voor niks gekakt heeft. Urbanus die een bal van het Atomium vult met radioactief afval en in het oog van Janneke Maan schiet. Het is maar een kleine greep uit wat onze grootste surrealist in enkele luttele jaren bij elkaar heeft geschraapt. Linthout is geen mens, maar een onuitputtelijke bron van creativiteit, volkstaal en dorpsverhalen, humor en bovenal surrealisme van een bovenmenselijk niveau.

De schaarse strips overigens waarin Linthout het niet over Urbanus heeft, maar heel persoonlijk over zijn dementerende moeder of de zelfmoord van zijn zoon, tonen dat zonder humor een dragende grond van rauw talent en ongefilterde emotie bloot komt te liggen die bij momenten beenhard inhakt op de lezer. Deze man is een grootmeester in het surrealisme die zich verschuilt achter de onverwachte kwinkslag. De deprimerende plekken van Paul Delvaux met wat vage schimmen in een lelijk station zijn in vergelijking met deze beeldende overvloed eigenlijk wat gênant en de moeite doen om een pijp te schilderen en toch ook weer niet: het is misschien de geboorteplaats van het surrealisme, maar tegelijk zeker ook het kerkhof ervan. 

In een van de strips van Urbanus krabt Cesar, de alcoholische vader van Urbanus, de schimmel van de muur om bier mee te brouwen. Cesar is uiteindelijk ook de naam van het bier dat Bierman hier graag wil bespreken. Het bier smaakt naar bier laat dat duidelijk zijn, maar om de iconische woorden van onze tweede grootste surrealist te parafraseren: “dit is géén bier”. Dit is Linthout wiens creaties gul overvloeien in de realiteit. 

Cum Laude

Al enkele jaren levert Bierman gratuit commentaar bij de wondere wereld van het Bier en alles wat er daar zoal bij komt kijken en dat zal - als God het belieft - het komende jaar dus ook weer het geval zijn in ons huiseigen studentenblad Dwars. Een pedagogische agenda is hem daarbij niet helemaal vreemd, omdat bij studenten het hardnekkige misverstand leeft dat het consumeren van grote hoeveelheden middelmatig pilsener bier wijst op een rijk inwendige leven alsmede op buitengewone karaktereigenschappen van de beoefenaar dan deze praktijk. Om iedereen veel miserie, plaatsvervangende schaamte en spijt achteraf te besparen verklapt Bierman bij deze gewoon op voorhand dat er drie niveau’s van bierdrinkende studenten bestaan: 

In de eerste plaats zijn dit natuurlijk de idioten die effectief veel drinken en zich daarbij een imaginair publiek vol anonieme bewonderaars en smachtende blikken van een nieuwe betekenisvolle ander voorstellen. In de meeste gevallen zijn dit studenten die eigenlijk in een overgangsstadium zitten naar het volgende niveau, hoewel sommigen daar om één of andere reden erg lang in blijven hangen. Zoals gezegd is het de pedagogische doelstelling van Bierman om abituriënten en andere welgekomen nieuwlichters aan deze gezegende instelling dit voor iedereen wat gênante misverstand te besparen. 

Op het tweede niveau zitten de studenten die er net als Bierman in slagen om vrij behoorlijk te slempen. Het slempen is een specifieke bierdrinktechniek waarbij  het grootste deel van het bier niet doorgeslikt wordt, maar op verschillende andere manieren kan wegvloeien (tafel, grond, medestudenten en het eigen lichaam komen het meest voor, maar andere mogelijkheden zijn legio). Hierdoor ontstaat de illusie van kwantitatief hoge consumptie, zonder daar de gebruikelijke fysieke of psychische ongemakken bij te ervaren. Een idioot die het slempen ontdekt lijkt een weinig op de Boeddha die de verlichting bereikt, maar dan helemaal anders.

Op het derde niveau bevinden zich de bierliefhebbers die goed gebrouwen speciaalbieren met mate en onder vrienden degusteren. Net als de filosofie, mogen de teksten van Bierman gezien worden als ladders om dit hogere niveau te bereiken. Ladders die daarna gerust mogen weggegooid worden.

Helaas heeft Bierman door alle bovenstaande onzin deze keer enkel nog plaats voor een kleine trapladder: Als nieuwe studenten aan de Universiteit Antwerpen is het belangrijk om te weten dat we hier sinds enkele jaren een huiseigen degustatiebier hebben dat luistert naar de naam Cum Laude (Latijn voor afstuderen met onderscheiding) en dat gebrouwen wordt door twee uiterst sympathieke alumni economie en hun eigen brouwerij: de “Inglorious Brew Stars” (Ze zijn ook fan van Quentin Tarantino en diens holderdebolderfilm over buitenechtelijke kinderen en boosaardige Duitsers).

 Cum Laude Blauw (een verwijzing naar de kleur van het etiket) is de blonde versie en toont volgens kenners toetsen van passievrucht, mango en pompelmoes. Bierman heeft altijd wat argwaan gehad tegenover kenners die over pompelmoezen beginnen, maar wat wel onmiskenbaar vaststaat is dat het bier naar de overheersende mode van de tijd stevig door- en drooggehopt is en dat de bitterheid bijgevolg zeer sterk overheerst. Dat hoeft op zich geen probleem te zijn en maakt het alvast tot een tof bier om bijvoorbeeld op een receptie te drinken. Ondertussen is er ook een bruine variant, de Cum Laude Rood, die wat minder naar een fruitmand smaakt en meer naar een kruidenrek, maar zeker ook een fijn bier is om bij de talrijke feestelijke gelegenheden op onze universiteit te ontdekken. 

Rest Bierman u nog een gezegend academiejaar toe te wensen vol vriendschap, vakkundige slempartijen, passie en vrucht en de mangosmaak van een proclamatie Cum Laude!

Mongozo Banana of het nieuwe normaal

Tot nut en vermaak van alle lezers neemt Bierman even de tijd om de actualiteit in een halve paragraaf samen te vatten: Moeder Aarde heeft wraak heeft genomen op de volledige mensheid door middels één schamele vleermuis het economische en sociale leven anderhalf jaar volledig plat te leggen. Sommigen ontkennen die middelvinger van Moeder Aarde en verdenken er een selecte groep van superrijke mensen van wraak te hebben genomen op de aanstootgevende middelmaat van de burgerij door via 5G-zendmasten een virus de wereld in te zenden. Het vaccin waarmee die elite pretendeert de wereld te zullen verlossen bevat geheime zendertjes waarmee ze op termijn het leven van alle mensen volledig naar haar onzichtbare hand kan zetten.  

Dat laatste is helaas niet het geval. Hoe graag de mens zichzelf ook ziet als zelfstandige actor in het kosmische ballet, er zijn andere krachten aan het werk die ons in beweging zetten. We zijn geen actoren maar acteurs die meedansen om niet van het podium te vliegen. Of nog: het vaccin is wel van ons, maar niet de ziekte. Uit het doembeeld dat de mens zichzelf de duivel aandoet, spreekt hetzelfde verlangen naar autonomie en controle dat ironisch genoeg grotendeels aan de grond ligt van deze crisis en bij uitbreiding aan het permanente tekort dat alle menselijk handelen tekent. 

Maar niet getreurd! We spelen nog mee, het vaccin ligt klaar, en dus wacht ons – na blok en examens – een nieuw normaal. Het sociale leven zal zich weer op gang trekken. De terrassen en nachtwinkels zijn open en overconsumptie van alcohol wordt weerom uit de huiskamers en op de straat gebracht, waar het veel beter niet thuishoort. Vanaf nu heeft iedereen die vergat de Cara lauw te zetten opnieuw een alternatief in de sociale ruimte.  

Dus rijst de vraag wat het beste bier is om te bestellen op een zonovergoten terras na achttien maanden van droogte. Het moet een bier zijn met niet te veel alcohol natuurlijk, want dat stijgt te snel naar het ongeoefende hoofd, maar wel met genoeg alcohol om zonder al te veel remmingen door te kunnen bomen over het 5G-netwerk en andere grote maatschappelijke problemen. Verder moet het een bier zijn dat duidelijk tekenen van overcompensatie vertoont. Iets wat als het ware overloopt van levensvreugde.  

Bierman zou nooit gedacht hebben dat hij dit nog zou schrijven, maar heel deze pandemie heeft bij hem voor het eerst in zijn leven de goesting laten ontstaan om ongegeneerd Mongozo BananaCoconut of Mango te bestellen (of zelfs kriekenbier als er echt niks anders te krijgen is) en daar zelf nog wat suikerklontjes en een scheve parasol aan toe te voegen. Overigens bestaat er ook Timmermans PêcheStrawberry en Framboise op basis van Lambiek voor de mensen die echt geen risico schuwen. Kitsch, overdaad en slechte smaak: deze zomer moeten even alle remmen los, zeker ook in bierland. Natuurlijk staat het ook u vrij, beste lezer, om op het terras van café de Nieuwe Sportvriend een simpele pils te bestellen en iedereen zelf nog een fles grenadine mee te laten nemen om naar smaak toe te voegen. De komende weken gaat niemand daar raar van opkijken, dus profiteer ervan. Wat dat betreft: profiteer van het leven. U bent er nog, u hebt het gehaald. Een wereld van mogelijkheden plooit zich open. Vogels ontploffen van levensvreugde in de bomen. En morgen is een nieuwe dag.  

Ooit komt de dag dat de mensheid volledige controle heeft over haar eigen lot. Of toch zeker een kleine elite over dat van anderen. Tot die tijd is de vreugde van het moment geen slechte plaats om te verblijven. Bierman wenst u alvast goede examens en een zalige vakantie! 

Bierqueer

Omdat Bierman in deze dichtgeplamuurde dagen veel tijd heeft om na te denken, brak bij hem totaal onverwacht maar glashelder het besef door dat bier eigenlijk een grote gelijkmaker is. In de eerste plaats natuurlijk omdat enkel de bellen van de vrouwelijk hopplant als smaakmaker en bewaarmiddel aan de meeste bieren worden toegevoegd. Hierdoor vormt bier een belangrijke (om niet te zeggen de enige) bron van oestrogeen vormen voor de gemiddelde man. Sommige wetenschappers wijzen er met een fijne glimlach op dat de klassieke bierbuik eigenlijk geen verband houdt met een te hoge calorie-inname maar met beginnende borstvorming. Hoe dan ook: het is een opmerkelijke vaststelling dat een paar eeuwen terug, in een tijd waarin vooral vrouwen de roerstok in de brouwerij hanteerden, het oestrogeen rijkelijk over de wereld is beginnen vloeien.

Ach, männlich, weiblich - das sind doch bürgerliche Kategorien” leest Bierman nog bij een collega blogger over Parfum en gelijk hebben ze daar in reukland. Want zoals geuren zich mengen in de lucht die we allemaal inademen, zo raakt ons tijdsgewricht onherroepelijk vermengd in genderdivers leven en laten leven. En dus bedacht Bierman - die intussen ook lekker ruikt - dat zelfs een matige consumptie van pakweg Rochefort of Omer bewijst dat de keuze om naar bloemen of muskus te ruiken, al dan niet over gevoelens te praten en mensen te verdelen in allerhande afgebakende categorieën eigenlijk het gevolg is van een overgestimuleerde prefrontale cortex, de plaats in ons hoofd waar mensen plannen maken en impulsen onderdrukken. Aangezien alcohol direct inwerkt op de prefrontale cortex en hop naast al het bovenstaande, ook nog een natuurlijk kalmeringsmiddel is kan Bierman proefondervindelijk bevestigen dat bier een toverdrank is die mensen verzoent met de wereld en met elkaar. Het afgelopen jaar heeft ondertussen ook aangetoond dat het leven vooral iets is dat mensen overkomt terwijl ze plannen maken.

Natuurlijk bestaan er ook biermensen van de strikte observantie die bieren liefst in een overzichtelijk aantal categorieën indelen, smaakpaletten naar Frans model uit elkaar leggen met behulp van voorgedrukte schema’s en brouwerijen opdelen naar het aantal hectoliters dat ze jaarlijks produceren. Zelfs de cafés zitten in hun hoofd gevangen in een hiërarchie van voetbalkantine over volkscafé tot bruine kroeg en droge knijp. Het is een troostrijke gedachte dat bier gewoon tussen al die harde bubbels doorvloeit en moeiteloos en zonder onderscheid ieders dorst probeert te lessen. Er bestaat overigens ook Biervolk dat ongegeneerd een scheut grenadine bij de Rodenbach kapt of Westmalle dubbel met tripel mengt en deze TripTrap met gelukzalige glimlach achteroverslaat. Misschien zijn deze Mängelwesens wel de echte Bierliefhebbers. Of - om het met een boutade te zeggen - bier is Queer omdat het vloeibaar is en de scherpte van de wereld slijt.

Dit alles maar om te zeggen dat het straks, op 17 mei 2021, alweer 31 jaar geleden is dat de WHO homoseksualiteit uit de lijst van geestesziekten schrapte. Sindsdien staat deze dag  bekend als IDAHOT: de Internationale Dag Tegen Holebifobie en Transfobie. Bierman nodigt iedereen alvast uit om samen met hem een frisse ‘mannelijke’ pint, boordevol oestrogeen te drinken en zo onze verkrampte prefrontale cortex meteen wat welverdiende rust gunnen.

Ook vanuit de Uantwerpen zijn er heel wat acties. Zo schrijft onze campusdichtster Esohe Weyden een gedicht voor de drie bibliotheken waarop studenten met raamstiften kunnen reageren. Verder kan je als student eens kijken of je het ziet zitten om meer genderinclusief te communiceren in teksten of onderzoek en ook om je voorkeur voor voornaamwoorden aan te geven in je e-mail handtekening.

Voor een overzicht van al dit moois kan je surfen naar www.uantwerpen.be/communiceer-positief

Uw Bierman (hij / hem / zijn)